Betrouwbare informatie

Miskraam risico per week — wat zijn de kansen?

De kans op een miskraam daalt aanzienlijk naarmate je zwangerschap vordert. Op basis van medische richtlijnen leggen we uit hoe groot het risico per week is en wat je kunt verwachten.

Gebaseerd op NVOG-richtlijnen
Bijgewerkt 2026

Miskraamrisico per week — overzicht

Het risico op een miskraam is het hoogst in de eerste weken van de zwangerschap en daalt snel naarmate de zwangerschap vordert. De meeste miskramen (80%) vinden plaats vóór week 12.

WeekGeschat risicoMijlpaal
Week 4–5~25–30%Zwangerschap net bevestigd
Week 6~10–15%Hartslag soms zichtbaar op echo
Week 7–8~5–10%Hartslag duidelijk zichtbaar
Week 9–10~3–5%Baby beweegt al
Week 11~2%Bijna bij de 12-wekenmijlpaal
Week 12<1%Termijnecho — risico daalt sterk
Week 13+<0,5%Tweede trimester begint
Goed nieuws: zodra er een hartslag zichtbaar is op de echo, daalt het miskraamrisico aanzienlijk. Na een normale 12-wekenecho is de kans op een miskraam minder dan 1%.

Wanneer is een miskraam het meest waarschijnlijk?

Ongeveer 10–20% van alle klinisch bevestigde zwangerschappen eindigt in een miskraam. De meeste miskramen hebben een chromosomale oorzaak en zijn niet te voorkomen.

Factoren die het risico beïnvloeden

Tekenen van een miskraam — wanneer bel je de verloskundige?

Bel direct je verloskundige bij: hevig bloedverlies (meer dan een maandstonde), hevige krampen in de onderbuik, weefsel- of stolselverlies, of een combinatie van bloedverlies en het plotseling verdwijnen van alle zwangerschapssymptomen.

Licht bloedverlies — vaak niet alarmerend

Licht bloedverlies (smetjes, roze of bruin vochtverlies) komt voor bij 20–30% van alle zwangerschappen in het eerste trimester en eindigt in meer dan de helft van de gevallen niet in een miskraam. Neem toch altijd contact op met je verloskundige voor persoonlijk advies.

Verdwenen symptomen

Misselijkheid en andere symptomen kunnen plotseling verminderen, ook in een gezonde zwangerschap. Dat is op zichzelf geen teken van een miskraam. Alleen in combinatie met bloedverlies of krampen is het een reden om contact op te nemen.

Welke soorten miskramen zijn er?

De term miskraam dekt meerdere situaties. Je verloskundige of gynaecoloog stelt met een echo vast om welke vorm het gaat.

Wat gebeurt er na een miskraam?

Als een zwangerschap is gestopt, zijn er meestal drie mogelijkheden. Welke het beste past, bespreek je samen met je zorgverlener.

Ben je rhesus-negatief, dan kan een anti-D-injectie nodig zijn. Je verloskundige of gynaecoloog regelt dit. Lees ook onze gids over bloedverlies tijdens de zwangerschap.

Waardoor ontstaat een miskraam (en waardoor niet)?

De meeste vroege miskramen ontstaan doordat het embryo zich niet goed kon ontwikkelen, meestal door een toevallige chromosoomafwijking. Dat is niemands schuld en niet te voorkomen.

Een miskraam komt niet door: normaal bewegen of sporten, werken, tillen, seks, stress van het dagelijks leven, een keer iets verkeerds eten, of een lichte val. Veel vrouwen zoeken een oorzaak bij zichzelf, maar die is er meestal niet.

Herhaalde miskraam

Van een herhaalde miskraam wordt gesproken bij drie of meer miskramen achter elkaar. Dat komt bij ongeveer 1 op de 100 vrouwen voor. Je verloskundige verwijst je dan naar een gynaecoloog voor onderzoek naar mogelijke oorzaken, zoals stollings- of hormoonproblemen of een afwijking aan de baarmoeder. Ook als er geen oorzaak wordt gevonden, is de kans op een gezonde zwangerschap daarna nog altijd groot.

Emotioneel herstel en steun

Een miskraam is niet alleen lichamelijk, maar vaak ook emotioneel ingrijpend, hoe vroeg in de zwangerschap ook. Verdriet, ongeloof of boosheid horen daarbij en er is geen goede of verkeerde manier om ermee om te gaan. Geef jezelf en je partner tijd.

Praat erover met mensen die je vertrouwt, en weet dat je verloskundige en huisarts er ook voor het verwerken zijn. Blijf je langere tijd somber of vastzitten in verdriet, vraag dan om hulp. Dat is een teken van zorg voor jezelf, niet van zwakte.

Heb je een persoonlijke vraag?
Stel het aan Lisa
Lisa, onze AI-zwangerschapsassistent, luistert naar jouw situatie en geeft een eerlijk, persoonlijk antwoord.
Stel je vraag

Veelgestelde vragen over miskraam

Zodra de hartslag zichtbaar is op de echo (rond week 6–8) daalt het risico naar 3–5%. Na de 12-wekenecho is de kans op een miskraam minder dan 1%.
Dit verschilt per persoon. Een vroege miskraam (vóór week 8) voelt soms als een zware menstruatie met krampen. Een latere miskraam kan heviger zijn. Pijnstilling (paracetamol) is toegestaan. Bel bij hevige pijn altijd je verloskundige.
Lichamelijk is het na één menstruatiecyclus (4–6 weken) meestal mogelijk om weer zwanger te worden. Emotioneel herstel heeft zijn eigen tempo. De meeste vrouwen die een miskraam hebben gehad, krijgen vervolgens een gezonde zwangerschap.
Na één miskraam is extra begeleiding meestal niet nodig. Vanaf drie of meer aaneensluitende miskramen verwijst je verloskundige naar een gynaecoloog voor nader onderzoek naar mogelijke oorzaken.
Nee. Normaal bewegen, sporten, werken, tillen, seks of de stress van het dagelijks leven veroorzaken geen miskraam. De meeste vroege miskramen ontstaan door een toevallige chromosoomafwijking en zijn niet te voorkomen.
Bij een stille miskraam (missed abortion) is de zwangerschap gestopt zonder dat je bloedverlies hebt gehad. Dit wordt vaak pas ontdekt bij een echo. Soms verdwijnen de zwangerschapssymptomen, maar dat hoeft niet.
Er zijn drie mogelijkheden: afwachten tot het weefsel vanzelf afkomt, medicijnen, of een kleine ingreep (curettage). Samen met je zorgverlener kies je wat het beste past bij jouw situatie.

Bronnen en betrouwbaarheid

De informatie op deze pagina is gebaseerd op de richtlijnen en voorlichting van de NVOG (gynaecologen), de KNOV (verloskundigen), het RIVM en Thuisarts.nl. De genoemde percentages zijn schattingen uit de medische literatuur en kunnen per situatie verschillen. We werken de inhoud regelmatig bij.

Medische disclaimer: ZwangerCheck geeft algemene voorlichting en vervangt geen persoonlijk advies. Heb je bloedverlies, pijn of zorgen, neem dan altijd contact op met je eigen verloskundige of gynaecoloog.

Gerelateerde pagina's